Ontwormen en inenten van kittens
Wat kan je als kittenkoper verwachten?
Een goede start is essentieel voor de gezondheid van een kitten. Ontworming en vaccinatie spelen daarin een belangrijke rol. Op deze pagina lees je wat gebruikelijk is, waar je op kunt letten en waarom overleg met de dierenarts altijd leidend blijft.
Ontwormen
Waarom ontwormen?
Kittens kunnen al op jonge leeftijd besmet raken met wormen, met name spoelwormen. Dit kan klachten veroorzaken zoals een verminderde groei, diarree of een opgezette buik. Sommige wormsoorten kunnen ook overdraagbaar zijn op mensen, vooral bij jonge kinderen. Door een kitten tijdig te ontwormen, verklein je gezondheidsrisico’s voor zowel het dier als het huishouden.
Wanneer ontwormen?
Bij kittens wordt doorgaans een regelmatig ontwormschema in de eerste levensmaanden gevolgd. Een veelgebruikt schema bestaat uit meerdere ontwormingen in de eerste weken, met herhaling tot ongeveer zes maanden leeftijd.
Na deze periode verschilt de frequentie per kat en is deze afhankelijk van factoren zoals:
- of de kat binnen of buiten leeft,
- jachtgedrag,
- contact met andere dieren,
- de aanwezigheid van kinderen in huis.
Bij volwassen katten kan ontworming plaatsvinden op basis van het risicoprofiel of na ontlastingsonderzoek.
Belangrijk: het exacte schema en het gebruikte middel stem je altijd af met de dierenarts.
Inenten (vaccineren)
Waartegen wordt ingeënt?
De basisvaccinaties voor kittens zijn gericht tegen:
Kattenziekte (panleukopenie)
Een ernstige virusziekte die vooral bij jonge katten een levensbedreigend verloop kan hebben. Vaccinatie biedt een goede bescherming tegen deze ziekte.
Niesziekte
Niesziekte is een verzamelnaam voor luchtweginfecties die worden veroorzaakt door verschillende virussen en soms bacteriën. Vaccinatie verkleint de kans op ernstige ziekteverschijnselen, maar voorkomt besmetting niet altijd volledig. Ook katten die niet buiten komen kunnen hiermee in aanraking komen.
Wanneer enten?
Kittens krijgen meestal hun eerste vaccinaties tussen de 8 en 12 weken leeftijd. Deze worden vaak enkele weken later herhaald om een goede bescherming op te bouwen. In sommige situaties kan een extra enting op latere leeftijd worden geadviseerd.
Na het eerste levensjaar volgt doorgaans een herhalingsenting (booster). Daarna hangt de frequentie van vervolgvaccinaties af van:
- het gebruikte vaccin,
- de leefomgeving van de kat,
- het individuele gezondheids- en risicoprofiel.
De dierenarts bepaalt welk schema het beste past bij jouw kat.
Praktische tips voor kittenkopers
- Vraag bij de fokker of aanbieder welke ontwormingen en vaccinaties zijn uitgevoerd.
- Controleer of deze zijn vastgelegd in het dierenpaspoort.
- Maak na de verhuizing tijdig een afspraak bij je eigen dierenarts voor vervolgadvies.
- Houd rekening met een korte periode van rust na vaccinatie.
Tot slot
KittenTeKoop biedt algemene informatie om je te helpen bij het maken van een weloverwogen keuze. Deze informatie vervangt geen dierenartsadvies. De gezondheidssituatie van een kitten is altijd individueel en vraagt om professionele beoordeling.
Heb je twijfels of vragen? Neem dan altijd contact op met je dierenarts.
Veelgestelde vragen over ontwormen en inenten van kittens
Kittens kunnen al op jonge leeftijd besmet raken met wormen. Ontworming helpt gezondheidsklachten te voorkomen en verkleint de kans op overdracht binnen het huishouden.
In de eerste levensmaanden gebeurt dit meerdere keren. Het exacte schema verschilt per kitten en wordt afgestemd met de dierenarts.
Ja, ook binnenkatten kunnen besmet raken. Hoe vaak ontwormen nodig is, hangt af van het risico en de leefomgeving.
Kittens worden standaard gevaccineerd tegen kattenziekte en niesziekte. Dit zijn de basisvaccinaties voor een goede start.
Ja, ook katten die niet buiten komen kunnen niesziekte oplopen, bijvoorbeeld via mensen, andere dieren of voorwerpen.
Vaccinatie verkleint vooral de kans op ernstige klachten. Een kat kan nog steeds besmet raken, maar wordt meestal minder ziek.
De eerste vaccinaties worden meestal gegeven tussen de 8 en 12 weken leeftijd, met een herhaling enkele weken later.
Niet altijd. Na de kittenperiode en een booster hangt de frequentie af van het vaccin en het risicoprofiel van de kat. De dierenarts geeft hierin advies.
Deze staan vermeld in het dierenpaspoort dat je bij de overdracht van het kitten ontvangt.
Ja, het is verstandig om je kitten na thuiskomst te laten controleren en het verdere ontworm- en vaccinatieschema te bespreken.